De vlinder
Vlinders, je kent ze wel. Prachtige, ietwat moeilijk fladderende insecten in vele kleuren en maten. Als kind was ik al gefascineerd over de manier van vliegen en de cyclus die het aflegt om een vlinder te worden. Later hoorde ik pas hoe bijzonder de kleuren eigenlijk zijn.
Op het Sint Lucas kregen we een heel jaar kleurenleer. Alles over hoe pigmenten gemaakt worden, waar je ze kunt vinden, hoe het vroeger gemaakt werd, etc. Sinds kort zijn wetenschappers erachter gekomen dat structuur van de ondergrond nog veel meer kan met kleur.
Kort gezegd, het prisma effect.
Kennen jullie die driehoeken die licht kunnen ‘breken’ in regenboog kleuren? Dat ding noemen ze een prisma. Nou, dit is in een notendop ook hoe de vlinder zijn prachtige kleuren krijgt. De vlindervleugel bestaat uit 2 laagjes. De onderlaag is een redelijk effe kleur gemaakt met pigment (een kleurstof). De bovenste laag heeft een schubbenstructuur die de lichtverstrooiing bepaald. Elke vorm heeft een andere lichtschakering, samen met de onderliggende pigment die voor de absorptie van kleuren zorgt, krijgt de vlinder zijn kleuren.
En nog bijzonderder, wij zien geen verschillen in dezelfde soort vlinders, maar vlinders zelf zien op grote afstand of er een mannetje of vrouwtje vliegt. Altijd handig.
Maar waarom vertel ik dit. Behalve dat ik altijd al gefascineerd ben door vlinders. Nou…
Moeder natuur heeft alles al uitgevonden, het is aan ons om het te ontdekken!
Nu de wetenschap weet dat we niet alleen met pigment kleuren kunnen maken, maar ook met lichtbreking of -verstrooiing, zijn mogelijkheden eindeloos. Deze techniek wordt al gebruikt in de autowereld om hypershift paint op autos te sprayen. En wij als creatievelingen kunnen holographic mica powder gebruiken om bijvoorbeeld sieraden een leuk effect te geven.